
Stel, u wilt als directeur-grootaandeelhouder (DGA) bedrijfsopvolging naar uw kinderen gaan realiseren. Daarvoor gelden aantrekkelijke fiscale uitstel- en vrijstellingsregelingen (zoals de BOR). Bij de voorbereiding, begeleiding en uitvoering krijgt u facturen van de notaris, accountant, belastingadviseur of waarderingsdeskundige.
De grote vraag is: zijn deze kosten eigenlijk aftrekbaar voor de BV? De Belastingdienst vindt van niet.
De praktijk vs. De Belastingdienst
In de praktijk worden de advieskosten voor een bedrijfsopvolging vaak gefactureerd aan, en ook betaald door, een van de betrokken BV’s (doorgaans de personal holding van de overdrager). Bij die vennootschap worden de kosten dan ten laste van het resultaat gebracht, wat de winst (en dus de belasting) drukt.
De Belastingdienst heeft echter, als reactie op een WOB-verzoek (Wet Openbaarheid van Bestuur), in drie interne memo’s hun standpunt scherp gesteld: Het zijn in beginsel geen zakelijke uitgaven.
Waarom niet aftrekbaar?
De redenering van de fiscus is als volgt: Het advies dient er primair toe om bij de DGA in privé belasting te besparen (bijvoorbeeld schenkbelasting of inkomstenbelasting in box 2) of uit te stellen. Indien deze kosten door de BV worden betaald, wordt er dus een privébelang van de DGA gediend en geen zakelijk belang van de onderneming.
Het risico: Winstuitdeling
Als de BV deze kosten betaalt, ziet de Belastingdienst dit als een onttrekking. De gevolgen zijn:
- De kosten zijn niet aftrekbaar voor de vennootschapsbelasting.
- De betaling wordt gezien als een belaste winstuitdeling (dividend) aan de DGA.
De nuance: Bewustheid Er is pas sprake van een belastbare uitdeling als de DGA zich ervan bewust was (of had moeten zijn) dat hij door zijn BV werd bevoordeeld.
Is er verdediging mogelijk?
U kunt met deze strenge standpuntbepaling worden geconfronteerd. Toch is het laatste woord hier nog niet over gezegd. In de fiscale literatuur wordt namelijk regelmatig beargumenteerd dat (een deel van) de advieskosten wel degelijk zakelijk en dus aftrekbaar zijn. De continuïteit van de onderneming is immers ook gebaat bij een goede overdracht.
Omdat er discussie mogelijk is, is het twijfelachtig of de Belastingdienst de vereiste “bewustheid van bevoordeling” aannemelijk kan maken. De DGA kon immers te goeder trouw denken dat het zakelijke kosten waren. De rechter zal zich hier in de komende periode ongetwijfeld over gaan buigen.
Advies: Gaat u een traject van bedrijfsopvolging in? Wees u bewust van dit fiscale risico en laat u goed adviseren over de verdeling van de facturen tussen privé en de BV.
