Belastingplan 2026 gewijzigd

Welke koers vaart het kabinet op fiscaal gebied de komende vier jaar? In de onlangs gepresenteerde ‘fiscale strategische agenda’ staan de ambities en de planning zwart op wit. De boodschap is helder: eerst de basis op orde, dan pas vernieuwen.

De Belastingdienst kampt met verouderde systemen en personeelstekorten. Dit heeft directe gevolgen voor de snelheid waarmee nieuwe wetgeving kan worden ingevoerd. Hieronder leest u de drie hoofdprioriteiten uit de agenda.

Prioriteit 1: De Belastingdienst ’toekomstproof’ maken

De motor van de fiscus hapert. Om de continuïteit te waarborgen, richt het kabinet zich op twee cruciale zaken:

  1. Personeel: Het werven en behouden van voldoende gekwalificeerde medewerkers.
  2. ICT-modernisering: De verouderde computersystemen moeten worden vervangen.

Gevolg voor wetgeving: Een modern ICT-landschap is een harde randvoorwaarde om het belastingstelsel te kunnen hervormen. Omdat de systemen nu nog niet op orde zijn, is er tot en met 2026 zeer beperkt ruimte voor nieuwe fiscale wetten en regels.

Prioriteit 2: Voorbereiding grote hervorming

Het huidige stelsel zit vol met bijzondere regelingen (aftrekposten, vrijstellingen, verlaagde tarieven). Vaak is het doel hiervan sympathiek, maar in de praktijk maken ze het systeem complex en is de effectiviteit niet altijd bewezen.

Het kabinet start een “grote schoonmaak”:

  • Afbouw regelingen: Negatief geëvalueerde regelingen verdwijnen. Voorbeelden die al genoemd zijn: het afschaffen van verlaagde btw-tarieven op logies en cultuur, en het stoppen van de salderingsregeling (zonnepanelen).
  • Vereenvoudiging: Door de wildgroei aan regels te snoeien, wordt de weg vrijgemaakt voor een fundamentele herziening van het belasting- en toeslagenstelsel in de toekomst.

Prioriteit 3: Box 3 in rustiger vaarwater

Sinds het ‘Kerstarrest’ van de Hoge Raad (eind 2021) is de belasting op vermogen (Box 3) een hoofdpijndossier. De opgave is tweeledig:

  1. Hersteloperatie: Het compenseren van belastingplichtigen over het verleden (en de huidige overbruggingsperiode).
  2. Nieuw stelsel: De invoering van een belasting op basis van werkelijk rendement.

Vertraging op de loer? De Belastingdienst heeft aan de bel getrokken. Door de enorme capaciteit die de hersteloperatie opslokt, is het waarschijnlijk niet haalbaar om de nieuwe wet ‘Werkelijk Rendement’ per 1 januari 2027 volledig in te voeren. Het kabinet onderzoekt nu alternatieve opties die wél haalbaar zijn per die datum.

Conclusie

De komende jaren staan in het teken van “puinruimen” en funderingsherstel. Verwacht tot 2026 weinig grote nieuwe fiscale avonturen, maar wel een versobering van bestaande aftrekposten en een aanhoudende discussie over de toekomst van Box 3. Kwaliteit en uitvoerbaarheid van wetgeving gaan voor snelheid.

Enthousiast geworden, maak kennis met 4-Vision