
Een bedrijf in gezonde voeding streeft ernaar om het gezondste bedrijfsrestaurant van Nederland te hebben. Werknemers kunnen er dagelijks kosteloos lunchen. Alle maaltijden hebben een vastgestelde minimum hoeveelheid groenten, zijn afgestemd met een diëtiste en bevatten geen toevoegingen zoals zout, suiker en E-nummers.
Volgens de werkgever is hier sprake van een gericht vrijgestelde Arbovoorziening. De Belastingdienst denkt daar echter anders over.
Oordeel rechter: Geen vrijstelling
Volgens de rechter is de gerichte vrijstelling voor Arbovoorzieningen niet van toepassing op de verstrekking van de lunchmaaltijden.
Weliswaar is het bieden van gezonde lunchmaaltijden vooruitstrevend en is gezonde voeding maatschappelijk gezien wenselijk, maar dat maakt de verstrekking ervan nog geen gericht vrijgestelde Arbovoorziening. De rechter oordeelde dat voeding daarvoor “te algemeen van aard” is.
De lunchmaaltijden vormen geen voorziening die rechtstreeks voortvloeit uit het arbeidsomstandighedenbeleid dat de inhoudingsplichtige voert op grond van de Arbowet.
Vermelding in RI&E onvoldoende
De werkgever voerde aan dat de gezondheidsvoordelen sinds september 2018 specifiek waren opgenomen in de Risico-Inventarisatie en -Evaluatie (RI&E) en het Plan van Aanpak. Ook was dit bevestigd door de bedrijfsarts.
De rechter oordeelde echter dat dit geen verschil maakt. Ook al is het beleid doelbewust en vanuit overtuiging gericht op louter gezonde maaltijden, dit verandert de fiscale kwalificatie niet.
Fiscale regels voor maaltijden
Gelet op de wetssystematiek past het niet om lunchmaaltijden onder een gerichte vrijstelling te brengen. Voor maaltijden die op de werkplek worden verstrekt, geldt namelijk een speciale regeling (het normbedrag).
Conclusie: De verstrekking van een maaltijd door de werkgever aan zijn werknemers met een niet meer dan bijkomstig zakelijk karakter, is belast voor de loonheffingen. Hierbij wordt uitgegaan van een forfaitair normbedrag, ongeacht of de maaltijd gezond of ongezond is.
