Verbod op contante betalingen van € 3.000 of meer

Werknemers van een bedrijf klaagden erover dat de werkgever het salaris sinds januari 2020 stelselmatig twee dagen te laat betaalde. Een werknemer met een salaris van € 2.293,18 per vier weken startte via de vakbond een procedure om tijdige betaling af te dwingen. Hij claimde de wettelijke verhoging, berekend op € 3.439,77, over zijn totale loon over 2020.

De wettelijke regels voor loonbetaling

De werkgever is verplicht het loon te voldoen telkens na afloop van het overeengekomen tijdvak (bijvoorbeeld per maand of per vier weken). Het loon dient uiterlijk de derde werkdag na het aflopen van de betalingstermijn te zijn voldaan. Gebeurt dit niet, dan is er sprake van vertraging waarvoor de werkgever verantwoordelijk is.

Berekening van de wettelijke verhoging

De wet kent een forse sanctie voor te late betaling om werkgevers te stimuleren tijdig te salariëren. De verhoging wordt als volgt opgebouwd:

  • Vanaf de 4e t/m de 8e werkdag: 5% verhoging per dag.
  • Vanaf de 9e werkdag: 1% verhoging per dag.
  • Maximum: De totale verhoging mag nooit meer bedragen dan 50% van het verschuldigde loon.

Uitspraak van de rechter

De rechter wees de claim van de werknemer volledig toe. Omdat het loon over het gehele jaar 2020 stelselmatig te laat was betaald, had de werknemer recht op de opgebouwde wettelijke verhoging. De werkgever werd veroordeeld tot betaling van:

  1. De volledige wettelijke verhoging (€ 3.439,77).
  2. De wettelijke rente over dit bedrag.
  3. Buitengerechtelijke incassokosten en de proceskosten.

Let op: Zelfs een vertraging van slechts enkele dagen kan, wanneer dit structureel gebeurt, leiden tot een enorme kostenpost voor de werkgever. De verhoging kan immers oplopen tot de helft van het reeds betaalde netto salaris.

Enthousiast geworden, maak kennis met 4-Vision